Bedplassen taboe
BedplassenBedplassen is nog steeds een taboe. Toch plassen zo'n 200.000 kinderen ouder dan 6 jaar regelmatig in bed. Ze doen het niet expres en ze lijden er ontzettend onder. Ze schamen zich en durven niet uit logeren of mee op schoolkamp uit angst om gepest te worden.
Bedplassen kan een enorme inbreuk maken op het zelfvertrouwen van kinderen. Vooral als ze wat ouder worden schamen ze zich ervoor. Uit een documentaire van Mens & Lijf uit 2001 bleek al dat kinderen bedplassen als een van de vervelendste dingen beschouwen. In de top drie van nare gebeurtenissen worden alleen het overlijden van een van de ouders of een echtscheiding nog erger gevonden..
Het zou vanzelf moeten gaan
De meeste kinderen worden
zindelijk in de leeftijd tussen de 2 en 5 jaar. Overdag tenminste. Maar om ook de
nacht droog door te komen zonder luier duurt meestal wat langer. In principe geldt,
net als bij de zindelijkheidstraining overdag, dat het bijna als vanzelf zou moeten
gaan. Is een kind eenmaal overdag droog, dan gaan er meestal nog wel een paar
maanden of langer overheen voordat de nacht volgt. Pas als een kind langere tijd
wakker wordt met een droge luier, heeft het zin om te gaan experimenteren met het
slapen zonder luier. De meeste kinderen worden op deze manier tussen de 4 en 6 jaar
oud 's nachts ook droog. Tot 6 jaar wordt bedplassen daarom niet als een groot
probleem gezien omdat het nog bij zoveel kinderen voorkomt. Maar als een kind al
langere tijd op de basisschool zit en nog steeds in bed plast wordt het een
probleem.
Bedplassen is een taboe
Uit het NIPO-onderzoek blijkt dat een
overgrote meerderheid van de ouders (89%) van mening is dat hun bedplassertjes er
niets aan kunnen doen. Toch spreekt meer dan de helft van de ouders buiten het
gezin niet over het onderwerp, behalve met de grootouders of eventueel de huisarts.
Dat bedplassen een taboe is, geldt zeker ook voor kinderen. De beste vriendin of
ouders weten van het probleem af, maar een terugkerend gespreksonderwerp is het
bedplassen bepaald niet. De meerderheid van de kinderen wil er verder niet over
praten. Ze zijn bang om gepest te worden. Om die reden willen veel bedplassers ook
niet uit logeren of mee naar schoolkamp.
Ouders wachten lang
Ouders van bedplassende kinderen zien
vaak wel hoe ongelukkig hun kind is, en maken zich zorgen. Maar ze weten niet
precies wat ze moeten doen om de
problemen op te lossen. Of wannéér ze stappen moeten ondernemen. Uit
het NIPO-onderzoek blijkt dat ouders soms onnodig lang wachten voor ze hulp
inroepen. De helft van de ouders weet zelfs niet dat er behandelmethodes zijn tegen
bedplassen. De meeste ouders denken dat het vanzelf overgaat. In slechts 38 procent
van de gevallen wordt professionele hulp gezocht bij de kinderarts of huisarts.
Gemiddeld worden er pas stappen ondernomen als een kind al drie jaar lang in bed
plast. En dat terwijl de verschillende behandelmethoden bij het overgrote deel van
de bedplassers snel (meestal binnen enkele maanden) resultaat geven. De meeste
ouders kennen niet alle behandelmethoden, maar hebben wel gehoord van de plaswekker
en van medicijnen.
Wat kun je doen tegen bedplassen?
Positieve
stimulatie - Een eerste stap kan zijn je kind te prijzen of te belonen als
hij een nacht droge luier heeft. Straf hem in ieder geval niet als hij wel in zijn
luier heeft geplast, dit heeft alleen maar een negatief effect!
Kalendermethode - Een methode van positieve stimulatie is de
kalendermethode: iedere keer als je kind een droge luier heeft, mag hij een
zonnetje of sterretje op een kalender tekenen. Voor een bepaald aantal zonnetjes of
sterretjes staat een vooraf afgesproken beloning.
Wakker maken met wachtwoord - Je kind 's avonds wakker maken om
het te laten plassen is een redelijk goede methode om bed en pyjama en of luier
droog te houden. Voorwaarde is wel dat je kind helemaal wakker wordt gemaakt. Half
slapend plassen werkt bedplassen juist in de hand. Voor het slapen gaan kun je met
je kind iedere avond een ander wachtwoord afspreken. Dit wachtwoord moet je kind
dan zeggen bij het wakker maken, vóór er een plas wordt gedaan.
De plaswekker - De plaswekker is een elektronisch alarm dat afgaat
zodra het in contact komt met vocht. Een kleine hoeveelheid is al voldoende. Het
apparaatje zit in de onderbroek of op het matras; de wekker zelf zit bijvoorbeeld
om de pols van het kind.
Blaastraining - Voor een kleine groep kinderen werkt de
blaastraining goed. Hiermee leren ze hun eigen blaas de baas te worden. Er zijn
diverse blaastrainingsschema's, maar het komt er op neer dat je kind oefent om af
en toe zolang mogelijk zijn plas op te houden, terwijl de hoeveelheid urine die
wordt geloosd wordt gemeten. Je kind moet hiervoor natuurlijk wel zelf erg goed
gemotiveerd zijn.
Droogbed training - Dit is een intensief trainingsprogramma onder
begeleiding, voor oudere kinderen. Het is een zeer arbeidsintensieve training die
veel van het kind en van de ouders vergt, maar wel met een hoog
succespercentage.
Medicijnen - Er zijn medicijnen die ervoor kunnen zorgen dat je
kind de nacht droog doorkomt. Het grote voordeel is dat ze snel werken. Daarom
kunnen ze vooral handig zijn bij een logeerpartij of schoolkamp, en ter stimulering
van een training.
Luiers - Luiers zijn, net als medicijnen, een tijdelijke en geen
structurele oplossing. Wel zijn er inmiddels speciale luiers op de markt voor
oudere kinderen om de nacht droog door te komen. Het zijn speciale niet-krakende
luierbroekjes, die een kind dus ook rustig in een slaapzak aan en uit kan
trekken.
* Kenniscentrum bedplassen:
maandag t/m vrijdag
van 9.00-12.00 uur, 0522-233850.
Op internet: http://www.bedplassen.org/
* Informatie over zindelijkheid en
plaswekkers is ook op internet te
vinden: http://www.stopbedplassen.nu
Bron: http://www.jongegezinnen.nl